Buitengewone kosten kinderen bij echtscheiding (Marc Boeykens)

Bij een echtscheiding waarbij partijen minderjarige kinderen hebben of kinderen die nog niet zelf kunnen  voorzien in hun eigen onderhoud , moeten de moeder en de vader een regeling uitwerken betreffende hun deel in de kosten van de kinderen.

 

Bij het bepalen van de verplichtingen van elke ouder inzake zijn/haar bijdrage in het levensonderhoud van de kinderen wordt niet enkel geëvalueerd of er een maandelijks onderhoudsgeld moet betaald worden , doch wordt er ook een regeling uitgewerkt betreffende de buitengewone kosten.

Onder buitengewone kosten moet worden verstaan “de uitzonderlijke,  noodzakelijke of onvoorzienbare uitgaven die voortvloeien uit toevallige of ongewone gebeurtenissen en die het gebruikelijk budget van het dagdagelijks onderhoud overschrijden”.Meestal wordt navolgende lijst van buitengewone kosten gehanteerd:

 

 

  1. Medische en paramedische kosten, nl. :

 

– alle hospitalisatiekosten, alle consultaties van specialisten en alle door hen voorgeschreven gespecialiseerde onderzoeken, medicaties en gespecialiseerde verzorging;

– de kosten voor aanschaf van brillen en/of contactlenzen, hoorapparaten, kinesitherapie, steunzolen, revalidatie, logopedie, orthodontie, therapie of begeleiding door een psycholoog of psychiater;

en dit alles :

  1. a) voor zover deze voorgeschreven zijn door bevoegde artsen of door een bevoegde instantie;
  2. b) en onder aftrek van de tussenkomst van de mutualiteit, van een hospitalisatieverzekering of van een andere aanvullende verzekering.

 

  1. De kosten verbonden aan de schoolse opleiding, nl. :

 

– school- en studiereizen van langer dan één dag;

– aankoop schoolboeken en cursussen vanaf het middelbaar onderwijs, alsmede een personal computer met de voor de studie noodzakelijke programma’s;

– noodzakelijke materialen die vermeld staan op een door de onderwijsinstelling afgeleverde lijst;

– abonnementen voor het vervoer van en naar school;

– de inschrijvingsgelden en cursussen van hogere studies en stages inherent aan het gevolgd onderwijs;

– desgevallend de kosten van internaat en de huur van een studentenkamer behoudens indien deze niet noodzakelijk zouden zijn en/of een luxe-uitgave zouden uitmaken;

en dit alles na aftrek van eventuele studietoelagen en/of studiebeurzen.

 

  1. De kosten verbonden aan de ontwikkeling van de persoonlijkheid en ontplooiing, nl. :

 

– lidgeld en basisbenodigdheden voor een sportclub, muziekschool, jeugdvereniging, vakantiestages, taal- en sportkampen;

– het behalen van een rijbewijs voorzover dit niet kosteloos langs school kan behaald worden maar via een rijschool dient te geschieden.

 

Deze buitengewone kosten dienen – behoudens andersluidende overeenkomst tussen partijen – :

  1. a) het voorwerp te zijn van een voorafgaand overleg en een akkoord, zowel over de aard van de schuld als over het bedrag als dusdanig, behoudens medische urgentie;
  2. b) om de twee maanden te worden afgerekend met mededeling van de stavingstukken;
  3. c) betaald te worden binnen de acht dagen na mededeling van de afrekening met stavingstukken.

 

Aan het vereiste van een voorafgaand overleg en een akkoord zal voldaan zijn wanneer de ouder aan wie het verzoek tot akkoord wordt gericht bij (aangetekende) brief, faxbericht of e-mail, nalaat hierop te reageren binnen de vijf dagen. In de schoolverloven wordt deze termijn verlengd in alle redelijkheid.

 

Ingeval van compensatie is alleen het verschil verschuldigd.